Nieuwsbrief

Too good to be true – Rianne Verwoert

Too good to be true

Zwemlerares Lize wordt halsoverkop verliefd op de vader van een van haar leerlingen. Met hem aanpappen zou tegen alle regels ingaan, weet ze. Haar eigen regels én die van haar werkgever. Maar daar luistert haar gevoel niet naar!

Rianne Verwoert

Rianne Verwoert begon ooit als de jongste chicklitauteur van Nederland met haar Liever niet verliefd. Ze studeerde toen nog Communicatie; inmiddels werkt ze als webcoördinator / communicatiemedewerker. Maar schrijven, dat blijft ze doen! Na haar debuut schreef ze Trouw(en), Match?!, Schikken of stikken, Exit liefdesverdriet en Van de straat geplukt.


Too good to be true

‘Navels omhoog, jongens en meisjes, en de benen goed strekken!’ roept zwemjuffrouw Lize naar de kinderen in het water, terwijl ze vanuit haar ooghoeken de vader van Stijn nauwlettend in de gaten houdt. Stijn, de achtjarige jongen, is een van de beste op zwemles. Hij is later begonnen dan de rest, omdat hij verhuisd is. Hij gaat met sprongen vooruit en kan net als alle andere kinderen volgende week op voor zwemdiploma A. Trots staat zijn vader – van wie Lize de naam nog steeds niet weet – naar zijn zoon te kijken. Stom dat ze die naam niet onthouden heeft toen hij zich voorstelde. Dan had ze hem, inclusief relatiestatus, kunnen opzoeken op Facebook, LinkedIn of Twitter.

Ziet ze dat nu goed? Kijkt de vader van Stijn naar haar? Of lijkt dat maar zo en kijkt hij naar zijn zoon? Ze voelt dat ze begint te blozen en richt haar aandacht snel op de kinderen. ‘Nog één baantje, nog even volhouden, en dan mogen jullie spelen,’ zegt ze.

Nogmaals kijkt ze vluchtig naar de vader van Stijn. Hij ziet er, zoals altijd, keurig netjes uit. Dit keer draagt hij een zwart krijtstreeppak met daaronder een lichtpaarse blouse. Het staat hem geweldig!

Als de tien minuten speeltijd voorbij is, klapt juf Lize in haar handen.‘Goed gedaan, allemaal. Kom maar uit het water en neem de ballen en matten mee. Lekker douchen maar! Volgende week is het afzwemmen voor diploma A. Ik geef jullie na het omkleden allemaal een brief mee waarin staat wat jullie mee moeten brengen. Die moeten jullie afgeven aan je ouders, oké?’

De kinderen knikken en sjouwen de – voor hen zware – matten het water uit en brengen ze naar het speelhok toe. ‘Na het spelen komt ook het opruimen,’ imiteert Martijn juf Lize. Ze kan er wel om lachen. Martijn is een van de bijdehandste kinderen, maar ook gezellig en vrolijk.

Stijn sjouwt een mat naar het opruimhok en loopt vervolgens naar Lize toe. ‘Mag ik ook al op voor A, juf?’ vraagt hij. Stijns vader komt aangelopen en Lize voelt haar hart harder kloppen, en het zou haar niet verbazen als haar ogen verraden hoe ze zich nu voelt. Snel kijkt ze even naar beneden om zichzelf te herpakken.

‘Ja jongen, je doet het zo goed.’ Ze geeft hem een aai over zijn zwarte krullen. ‘Jij mag net als alle andere kinderen op voor je zwemdiploma A. Ik weet zeker dat je het kunt!’

‘Dat is goed nieuws,’ zegt de vader van Stijn en alleen al bij het horen van de stem wordt Lize nog vrolijker dan ze al was. ‘Maar dat kan bijna niet anders dan met zo’n goede, gedisciplineerde, maar toch lieve juf.’

Nu weet Lize het zeker: ze bloost niet alleen, haar hoofd is vast zo rood als een tomaat.

‘Juf, heb je het warm?’ vraagt Stijn.

‘Het is warm vandaag, Stijn,’ verzint ze vlot. ‘Weet je wat, ga jij maar lekker douchen.’

Stijn kijkt nog even naar zijn vader, vervolgens naar Lize en draait zich dan om en loopt naar de douches, waar alle andere kinderen al druk met shampoo in de weer zijn. Lize verwacht dat zijn vader achter hem aan zal lopen, maar die lijkt zich niet te haasten. Hij zegt helaas ook niets en al snel wordt de stilte tussen hen onbehaaglijk.

‘Het is bewonderenswaardig hoe snel uw zoon de lessen oppakt,’ zegt ze uiteindelijk. Ze balt haar hand tot een vuist terwijl ze hem aankijkt. Als de rode blos inmiddels maar is verdwenen!

Hij blijft zo lang stil dat ze al nerveus met haar voet begint te schuiven. Wat nu? Weglopen? Nog iets zeggen? Maar wat dan?

‘Ik zou willen dat zijn juffen op school daar net zo over dachten. Ik ben echt heel blij dat hij jou als zwemjuf heeft getroffen,’ zegt hij dan.

Ze knikt. O, wat gaat het toch allemaal ongemakkelijk! Was zij maar wat vlotter. Was hij maar niet zo leuk.

Gelukkig loopt haar collega Meike dan langs. ‘Ga je mee, Lize, ik ga niet in mijn eentje alles klaarzetten voor de volgende les,’ zegt ze.

‘Ja, nee, meteen,’ stamelt Lize, en zonder gedag te zeggen loopt ze weg. Waar ze meteen spijt van heeft. Wat moet hij wel niet van haar denken!

*

‘Dat is een goed teken!’ zegt Sara. ‘Hij vindt jou ook leuk, wedden?’

‘Ach, Saar, dat zeg je alleen maar omdat we al zo lang vriendinnen zijn en je me een vent gunt. Dat hij zo’n opmerking maakte, betekent niet meteen dat hij verliefd op mij is.’ Lize neemt een slok van haar prosecco en haalt ondertussen haar kat Tinka aan, die daar duidelijk van geniet. Ze geeft kopjes terug.

‘Je kunt het toch proberen. Vraag hem gewoon een keer om wat te gaan drinken met je.’

‘Ja, daaaaag! De laatste keer dat ik dat deed, liep het ook verkeerd af, weet je nog?’

‘Dan noem je me ook een geval apart. Een man die wel de lusten wil, maar niet de lasten. Zo zijn niet alle mannen, lieverd,’ zegt Sara terwijl ze voor zichzelf nog een glas prosecco inschenkt alsof het thee is.

‘Nou, wie weet. Maar vertel, hoe is het met jou?’

‘Goed. Ik baal er alleen van dat ik nog steeds geen baan heb. Ik ben het thuis zijn wel zat. Het is leuk om in de tuin te zitten met een boek, om te gaan shoppen en om de kroeg in te duiken tot middernacht en de volgende dag te kunnen uitslapen, maar na een poosje heb je dat ook wel gezien. De muren komen een beetje op me af, alle kasten zijn al uitgesopt, de tuin heb ik al tien keer geharkt en de bibliotheek heeft ook geen leuke boeken meer,’ overdrijft ze een tikkeltje.

‘Dat snap ik. Er is niets zo erg als thuiszitten en jezelf vervelen. Elke dag te moeten verzinnen wat je weer gaat doen. Dat is in het begin leuk, maar na een poosje niet meer. Heb je geen sollicitaties lopen dan?’

‘Eentje, maar ik weet niet of ik die tandarts wel zo leuk vind. Het is een beetje een suffe, autoritaire man.’

‘Dat lijkt me juist prima voor jou,’ lacht Lize. ‘Ik neem aan dat je dit keer de baan wél wilt houden, dan kun je beter niet nog eens verliefd worden op de tandarts.’

‘Touché. Eén-nul voor jou. Een wijze les voor de rest van mijn leven, ik begin geen relaties meer op de werkvloer,’ grijnst Sara, die ooit een heftige, maar kortstondige relatie begon met haar baas en daarna heel veel verdriet had. Het brak haar hart en kostte haar de baan. Ze heeft gezworen dat ze nooit meer zoiets stoms zal doen. Ze solliciteert zich nu helemaal suf en het lijkt er toch meer op dat zij de bazen beoordeelt dan andersom.

‘Wat jij nodig hebt, is afleiding,’ zegt Lize terwijl ze een zak borrelnootjes in een bakje kiept. De helft valt ernaast en de kat duikt er meteen op af. Hij gooit een nootje de lucht in en gaat er speels achteraan.

Sara recht haar rug en lacht. ‘Nou, kom maar op met die afleiding!’

‘Daar denk ik nog even over na en kom ik bij je op terug. Laten we in ieder geval nu een leuke film opzetten. Wat dacht je van Two Weeks Notice én een reep chocolade?’

‘Goed idee,’ zegt Sara enthousiast en ze propt snel nog een paar nootjes in haar mond. ‘Eerst deze op en dan de chocolade.’

*

‘Jullie moeten nu door een gat zwemmen, zoals we in de lessen ook al vaak geoefend hebben. Als ik fluit, mag de volgende het water in duiken. Hebben jullie dat begrepen?’

De kinderen knikken. Met hun gespannen gezichten staren ze naar de kant waar alle ouders en opa’s en oma’s trots naar de koters aan het kijken zijn.

Ineens slaat Lizes hart een slag over. Ze weet het al voor ze hem ziet: de vader van Stijn is er! Als ze opkijkt, ziet ze hem ook meteen. Hij zit alleen, maar kletst vrolijk mee met de andere ouders. Hij ziet er, zoals gewoonlijk, weer leuk uit. Ditmaal is hij niet strak in pak, maar draagt hij een mooie donkere spijkerbroek met daarop een blouse. Zou ze hem dan toch vragen om een keer wat te drinken? Het gaat wel tegen al haar principes in. Zeker tegen regel één: laat een vent voor jou werken en achter jou aan zitten en jagen. En ook tegen regel twee: vraag nooit aan een man of hij iets met je wil afspreken. Laat hem komen. En al helemaal tegen regel drie: niets beginnen met ouders van kinderen op zwemles. Dat is vragen om problemen en uiteindelijk… weg baan!

Annemieke begint te huilen en Lize schrikt op uit haar gedachten. Een tikkeltje afwezig nog loopt ze naar Annemieke toe. ‘Wat is er?’ vraagt ze.

‘Ik heb buikpijn, juf,’ snikt ze en tranen met tuiten rollen over haar wangen. Lize ziet dat de vader en moeder van Annemieke aanstalten maken om op te staan. Lize knikt geruststellend en glimlacht. Ze doet dit werk lang genoeg om te weten dat als de ouders het kind komen troosten, het alleen nog maar erger wordt.

‘Dat zijn de zenuwen, lieverd. Maar dat hoeft helemaal niet, want jij kunt dit! In de les deed je het altijd heel goed. Je was een van de beste,’ overdrijft Lize om Annemieke weer zelfvertrouwen te geven.

‘Echt?’ vraagt ze terwijl ze Lize met grote ogen aankijkt. ‘Echt waar! Ik weet zeker dat je het kunt. Zal ik je een geheimpje verklappen?’

Annemieke straalt weer een beetje. ‘Ja,’ zegt ze.

‘Niet doorvertellen, hoor. Ik heb een verrassing voor alle kinderen die hun diploma halen.’

‘Wat dan?’ vraagt Annemieke nieuwsgierig.

Als ze het zelf zou weten, dan zou ze het zeggen. Wat werkt ze zichzelf op deze manier weer lekker in de nesten. Een verrassing, hoe komt ze erbij om dat te zeggen? ‘Dat zul je wel zien, daarvoor moet je natuurlijk wel eerst je diploma halen. En dat kun je, dat weet ik zeker.’

‘Oké,’ zegt Annemieke en ze knikt.

Lize geeft haar een schouderklopje en brengt haar terug naar de rij bij het startblok. Ondertussen maalt er van alles door haar hoofd. Hoe krijgt ze het voor elkaar om voor het einde van het afzwemmen een verrassing in elkaar gedraaid te hebben? Wat in hemelsnaam moet ze die kinderen geven? Waarom heeft ze dit überhaupt gezegd?

‘Ben je er klaar voor, Benno?’ vraagt ze min of meer afwezig.

Hij knikt. Lize fluit en Benno duikt het water in. Dat was nummer één.

Als alle kinderen geweest zijn, inclusief Annemieke, mogen ze nog even vrij zwemmen terwijl de zwemleraren de diploma’s in orde maken. Lize haast zich naar het kantoor. Eenmaal binnen trekt ze alle kasten en lades met veel gestommel en haast open. Ergens moet toch nog wel iets liggen wat ze aan de kinderen kan geven. Vroeger hadden ze van die opblaasballen bedrukt met het logo van het zwembad. Hè toch, waar zijn die krengen gebleven? Ze wordt afgeleid door haar telefoon, die begint te piepen. Snel kijkt ze om zich heen of er iemand in de buurt is. Ze voelt zich altijd betrapt als ze sms’t tijdens werktijd.

En en en? Ga je wat drinken met hem? xx Sara

Sara! Dat ze daar niet eerder aan heeft gedacht. Zij kan haar helpen! Als er iemand in is voor verrassingen en ideeen bedenken, dan is het Sara wel.

Troubles, please help me!

Binnen no time ontvangt Lize de sms waarin Sara vraagt hoe ze kan helpen.

Ik moet binnen nu en een halfuur een verrassing hebben voor de kinderen. Dat heb ik met mijn stomme kop beloofd aan een meisje dat niet durfde af te zwemmen.

Direct na het verzenden van de sms, gaat Lizes telefoon.

‘Ik heb een megagoed idee,’ klinkt het enthousiast aan de andere kant van de lijn.

‘Vertel op,’ zegt Lize, al opgelucht voordat ze weet wat het idee is.

‘Organiseer een feest, ter afsluiting van het A-diploma,’ zegt de party animal eerste klas.

Lize wil wat zeggen, maar Sara onderbreekt haar. ‘Ik was nog niet klaar! Wacht, dit plan is nog veel genialer dan jij nu denkt. Het is namelijk een feest voor de kinderen én de ouders. De kinderen mogen discozwemmen en voor de ouders is er een kopje koffie of een borreltje.’

‘Goed idee!’ zegt Lize.

‘Je snapt hem nog niet, hè? De vader van Stijn komt dan natuurlijk ook en zo sla je twee vliegen in één klap.’

‘Jij bent nog genialer dan ik al dacht,’ lacht Lize.

‘Ja hè,’ zegt Sara vol trots. ‘Ik zal je helpen met organiseren. Ik ken nog wel een goede dj en ik heb ook tijd genoeg om de hapjes en drankjes te regelen. Als jij er dan voor zorgt dat de vader van Stijn ook komt, zoek ik die avond wel een andere leuke vent.’

Lize schudt lachend haar hoofd. Die Sara toch. De mannenverslindster. Het zou haar niets verbazen als ze binnenkort weer met een man aan haar zij loopt. Voor eventjes dan, want Sara houdt het tot op heden niet lang uit. Ze geniet veel te veel van haar vrije leven.

‘Heb je geen projectjes meer lopen?’ vraagt Lize en ze glimlacht bij het uitspreken van het woord ‘projectjes’. Dat is niet haar woord, maar dat van Sara. Als Sara het over mannen heeft, noemt ze die altijd zo. Lize wacht op de dag tot Sara de liefde van haar leven tegenkomt en ineens poeslief, aanhankelijk en romantisch wordt. Die dag komt, zeker weten.

Dan hoort ze stemmen bij haar kantoor en voelt ze zich betrapt. ‘Ik moet ophangen, Saar, ik spreek je snel!’

Snel duwt ze de telefoon in haar tas en ze loopt naar de printer.

De vader van Stijn verschijnt in beeld, samen met Annemieke. Haar gezicht is wederom betraand en snikkend staart ze naar de grond.

O, wat een puinhoop maakt ze ervan. Wat moet hij wel niet denken? Alle laden en kasten staan nog open. Het is één grote bende op kantoor. Niet in paniek raken, Lize! Hij kijkt er vast wel doorheen.

‘Ze is uitgegleden en heeft haar knie geschaafd,’ zegt hij. Inmiddels is ook Stijn bij het kantoortje verschenen. Hij vraagt aan Annemieke of het gaat. De schat! Als zijn vader net zo lief is… Opletten, Lize, niet gaan dagdromen!

‘Zullen we er eens een mooie pleister op plakken? En een snoepje voor de schrik?’

Annemieke kijkt plotsklaps weer vrolijk. ‘Mag Stijn dan ook?’

‘Natuurlijk, lieverd. We nemen allemaal een lekker snoepje. Maar kom eerst eens hier, even die schaafwond schoonmaken en er een pleister op doen.’

De vader van Stijn kijkt toe terwijl Lize de pleister plakt en de snoeppot tevoorschijn haalt.

‘Ik zal de koters weer meenemen, dan kun jij je werk afmaken,’ zegt de vader van Stijn en hij knipoogt.

‘Eh… ja, ik was van alles kwijt daarnet,’ probeert ze zich te verontschuldigen.

‘O, maak je niet druk!’ lacht hij en verlaat het kantoor.

Een uur later zijn alle diploma’s uitgereikt en de kinderen zijn door het dolle heen.

‘Ik heb nog een verrassing voor jullie,’ zegt Lize en ze roept de kinderen bij zich.

‘Wat dan?’ roepen de kinderen ongeduldig door elkaar heen.

‘Omdat jullie vandaag zo goed gezwommen hebben, organiseer ik een feest. Jullie mogen vrijdagavond allemaal naar het zwembad komen en dan gaan we discozwemmen. Is dat leuk? Jullie papa’s en mama’s mogen ook mee.’

De kinderen beginnen te juichen en worden acuut nog drukker en opgewondener dan ze al waren.

‘Juf, dat vind ik supertof,’ zegt Annemieke terwijl ze trots met haar diploma in haar handen staat te zwaaien.

‘Dat vind ik leuk om te horen,’ zegt Lize terwijl ze een hand door het haar van Annemieke haalt. ‘Geniet maar van je diploma en dan zie ik je vrijdag bij het discozwemmen, oké?’

Annemieke knikt en trots rent ze weer naar haar ouders. ‘Niet rennen, straks val je weer,’ roept Lize Annemieke na. Dan wordt ze op haar schouders getikt. Ze draait zich om en ziet meneer Willems, de directeur. Hij heeft een norse uitdrukking op zijn gezicht en met een strenge blik kijkt hij over zijn leesbrilletje heen. ‘Zeg, dame, wat heb jij allemaal bekokstoofd?’

Lize bedenkt zich ineens dat ze natuurlijk toestemming had moeten vragen. Wat stom van haar! Ze voelt dat ze begint te blozen. Hoe kon ze dat nu vergeten! Ze is er met haar hoofd ook niet bij, ze denkt constant aan die mooie ogen van de vader van Stijn.

‘Sorry! Ik ben helemaal vergeten toestemming te vragen voor dat feest,’ hakkelt ze.

‘Dat is dus eens en dan nooit meer! De volgende keer kun je gaan, dame. Begrijp je dat? En ik neem aan dat je ook snapt dat ik dit feestje niet ga bekostigen. Dus hoe je het doet, maakt me niet uit, maar je regelt het maar.’

Het gesprek wordt onderbroken door de moeder van Liselotte. ‘Sorry dat ik stoor, maar wij als ouders vinden dit zo’n geweldig initiatief. Ik werk bij de regionale omroep en ik vind het zo’n leuk idee, vinden jullie het goed als ik er een item van maak?’

Meneer Willems knikt vriendelijk en stelt zich voor. ‘Natuurlijk, geen enkel probleem. Wij willen wat meer zorgen voor betrokkenheid in de wijk. De maatschappij verhardt en dat vinden wij jammer. Men wordt zo individualistisch en praat alleen nog via sociale netwerken met elkaar. Neem nou Twitter, MSN, Hyves, Facebook, LinkedIn en noem maar op. Zonde, we zijn immers ook nog steeds mensen die het leuk vinden om live met elkaar in contact te komen, toch? Het lijkt wel alsof dat steeds minder belangrijk wordt in de huidige maatschappij. Met zo’n initiatief proberen wij menselijke betrokkenheid te creëren én te behouden.’

Lize kan hem wel schieten, maar ze besluit het zo te laten. Ze heeft nog genoeg andere zaken aan haar hoofd. Dat hele feest voor aanstaande vrijdag organiseren bijvoorbeeld!

‘Ik moet echt verder,’ verontschuldigt ze zich en ze geeft de moeder van Liselotte een hand. ‘Leuk dat u een item wilt maken. Tot vrijdag!’

Op weg naar kantoor komt ze Meike tegen. ‘Zeg, hoe kom je erbij om een feest te organiseren?’

‘Ach, ik had wat beloofd aan een kind, en belofte maakt schuld, nietwaar?’

‘Tja, het is maar waar je zin in hebt. Ik moet er niet aan denken om zo’n party te organiseren. Veel succes!’

*

‘Je bent mijn reddende engel! Je had me moeten zien.’ Lize vertelt over de enorme rommel op kantoor. De chaos in haar hoofd. De vader van Stijn die ineens op kantoor verscheen, waardoor Lize snel moest ophangen. ‘Maar ik ben zo blij dat jij met dit goede idee kwam!’

‘Laat het bedenken van goede ideeën maar aan mij over,’ grijnst Sara. ‘Ik heb trouwens iets ontzettends leuks geregeld voor die avond.’

‘Je maakt me nieuwsgierig,’ zegt Lize en ze grijpt naar de trommel met stroopwafels. ‘Jij ook nog eentje?’

‘Lekker!’ Sara neemt een hap van haar stroopwafel en vervolgt haar verhaal: ‘Ik heb een dj geregeld en een clown die de kinderen vermaakt. Hebben jullie zo’n mat die je op het water kunt leggen? Dan kunnen we ook een wedstrijd organiseren.’

‘Je bent geweldig! Maar wat gaat dat allemaal kosten?’

‘Niets,’ zegt Sara vol trots en ze recht haar schouders. ‘De dj is een vriend van me, en die clown is weer een vriend van de dj. Ze zien het als mooie reclame voor zichzelf. Goeie deal, nietwaar?’

Lize lacht. ‘Wat een netwerk heb jij, super. Wij hebben op de zwemclub inderdaad zo’n mat, dus een wedstrijd lijkt me een leuk idee.’

‘Ik regel ook de hapjes.’

‘Die gaan we zelf maken, denk ik. Ik heb heel weinig budget voor zo’n feest. Ik heb dat idee natuurlijk ter plekke verzonnen. Correctie: jij had het idee ter plekke verzonnen. Ik vergat in alle spontaniteit alleen om toestemming aan mijn baas te vragen en hij staat toch al niet zo open voor initiatieven.’

‘O jee, heb je dat niet nagevraagd dan?’

‘Ik was zo blij dat ik een verrassing had, ik moest alle diploma’s nog printen en daarna ben ik met haast weer naar het zwembad gegaan en heb de kinderen het heuglijke nieuws verteld. Daarna kon ik op het matje komen bij mijn baas. Hoe ik zoiets zonder zijn toestemming durfde te doen.’

‘Ja, dat is niet heel handig. En toen?’

‘Heel stom van mij, gewoon glad vergeten! Hij was not amused en zei dat hij het nu niet meer terug kon draaien, maar dat hij geen enkele cent aan dat feestje meebetaalt. Dus dat ik zelf maar moet regelen hoe ik alles financier en dat dit de laatste keer is dat ik zoiets op eigen houtje verzin en regel, en dat ik anders kan gaan.’

‘O, maar dat komt wel goed. Als we zelf hapjes maken, hoeft dat bijna niets te kosten, en jij verdient toch bakken met geld,’ grapt Sara. ‘Zonder dollen, we vragen gewoon een sponsor. Ik ga wel op pad.’

‘Je bent een schat.’ Lize vertelt nog over de lokale omroep en het stompzinnige verhaal dat meneer Willems aan het vertellen was tegen de moeder van Liselotte. ‘De maatschappij verhardt,’ imiteert ze zijn stem en Sara begint te lachen.

‘Wat een kerel! Eerst jou zowat de deur wijzen en vervolgens pronken en slijmen.’

‘Ik heb het maar zo gelaten, dat feest organiseren is belangrijker. En van mijn collega’s hoef ik het ook niet te hebben.’

‘Vinden die het ook al niet leuk?’

‘Nee, die vinden dat ik me uitsloof, denk ik. Die vinden sowieso dat hun baan ophoudt als de zwemlessen voorbij zijn. Laat staan dat ze iets leuks willen organiseren. Gelukkig heb ik jou!’

‘That’s what friends are for!’

Lize glimlacht. ‘Zeg, hoe staat het eigenlijk met solliciteren? Is het nog iets geworden bij die ene tandartspraktijk?’

‘Nee, die man stond me toch niet aan. Maar ik heb toevallig morgen een gesprek. Ditmaal niet als tandartsassistente, maar als verkoopster in een winkel. Dat moet ik toch ook wel kunnen?’

‘Natuurlijk, met jouw enthousiasme en overtuigingskracht gaat niemand de winkel uit zonder iets te kopen. Maar… sinds wanneer wil jij in een winkel staan?’

‘Sinds je dan onbeperkt met korting kunt shoppen,’ lacht ze.

‘Is dat écht de reden, of werkt er toevallig, heel toevallig, een onwijs lekker ding?’

Sara begint te lachen. ‘Nou, vooruit, misschien dat ook wel.’

‘Sara, Sara, Sara toch, hoe kan het ook anders.’

‘Dat is niet de hoofdreden, hoor!’

‘Nee, nee, dat zal niet,’ lacht Lize en ze kijkt op haar horloge. ‘O, ik moet gaan. De kinderen wachten op me, het is bijna tijd voor zwemles. Een groep met allemaal nieuwe kinderen, we beginnen in bad één.’

‘Nou ga maar snel dan. Tot vrijdagavond bij het discozwemmen. Maak je geen zorgen om die hapjes, ik regel het. Ik snijd wel kaas en worst en maak voor de kinderen iets met spekjes.’

‘Helemaal top! Ik zal zelf ook nog wat maken. Weet je wat? Dan zorg ik voor zelfgebakken cake. En nu ben ik snel weg, voor ik te laat ben. Doeehoeeeeg!’

*

Het zwembad ziet er feestelijk uit. Er hangen lichtsnoeren langs de muren, discolampen aan het plafond en in de hoek bij de startblokken staat een dj met een grote draaitafel. Aan de andere kant van het bad staat een tafel waarop de hapjes komen, en een tafel met koffie en thee en natuurlijk limonade voor de kinderen. De clown hupst al vrolijk rond met bedrukte opblaaszwemballen. Lize heeft ze uiteindelijk toch nog ergens in het magazijn gevonden.

‘Alles is onder controle,’ zegt Eva, die langs Lize loopt. ‘De hapjes staan in de kantine al klaar. De muziek kan zo gaan draaien, de verlichting aan en de kinderen én ouders kunnen komen. Let’s get the party started!

‘Misschien moet je een eigen evenementenbureau beginnen,’ lacht Lize, die ontzettend blij is met de hulp van de feestexpert van het Gooi.

‘Wie weet, dan kan ik lekkere Chippendales verhuren en ze bij een sollicitatiegesprek vast een act laten doen. Maar… ik check nog even of de clown genoeg instructies heeft.’

En zoef, weg is Sara.

Lize besluit bij de deur te gaan staan om de ouders en kinderen te verwelkomen. De moeder van Liselotte komt samen met de televisieploeg aangelopen. Lize glimlacht. Dat heeft ze toch weer mooi voor elkaar. Een boze baas of niet, het zwembad krijgt zo gratis publiciteit.

Als alle kinderen binnen zijn, gaat de muziek van start en branden de discolampen volop. De clown staat aan de kant van het water de kinderen opdrachten te geven en te vermaken.

‘Rechterarm omhoog, linkerarm, rechterarm, linkervoet, rechtervoet en linkerarm.’ De kinderen hebben veel schik en de ouders staan genietend toe te kijken.

Sara komt naar Lize toe. ‘Nu is het jouw beurt! Wie is het?’

‘Wie is wat?’

‘De vader van Stijn natuurlijk!’

‘O, eh…’ Lize valt even stil. ‘Die staat daar, met dat roze overhemd aan en dat zwarte jasje. Niet te opvallend kijken.’

Sara draait haar hoofd abrupt naar de vader van Stijn. Niet opvallend en Sara, dat gaat niet samen. ‘Dat is inderdaad een lekkere vent! Wauw!’

‘Zo kan-ie wel weer, hè!’ lacht Lize. ‘Je blijft wel van hem af.’

‘Uiteraard, dat wordt jouw vent. Ik heb al een andere kerel op het oog.’

‘Vertel! Wie is het?’

‘De man daar rechts van de tv-ploeg, zie je die?’

‘Ja, dat is de vader van Bart.’

‘Is hij vrijgezel?’

‘Geen idee, maar ik heb de moeder van Bart nog nooit gezien. Al weet ik niet of dat iets zegt.’

Sara wrijft in haar handen. ‘Mooi! Ik ga nu eerst zorgen dat de hapjes op tafel komen, help je mee? Dan kan je daarna meteen met de schaal naar de vader van Stijn om een babbeltje met hem te maken.’

‘We zullen zien,’ zegt Lize en samen met Sara loopt ze naar de kantine, waar de hapjes al klaarstaan. Sara heeft het echt leuk gedaan. De schalen zien eruit alsof ze door een traiteur zijn opgemaakt. Voor de kinderen zijn er ook nog spekjes, tumtummetjes en chips.

Sara geeft Lize een duwtje in de rug. ‘Nou, hup, met die hapjes naar hem toe.’

Lize twijfelt, maar besluit er dan toch voor te gaan. Misschien is het de laatste keer dat ze hem ziet. Ze weet immers niet of ze voor zwemdiploma B weer aan dezelfde kinderen lesgeeft. De roosters wisselen zo. ‘Wil je misschien een lekker hapje?’ Meteen kan ze zichzelf wel voor de kop slaan. Wat zegt ze nu weer! Hoe krijgt ze het toch voor elkaar om zulke onhandige zinnen uit te kramen.

‘Lekker,’ zegt de vader van Stijn.

‘Je hebt je ooit voorgesteld, dat weet ik, maar toch ben ik vergeten hoe je heet,’ bekent ze dan.

‘Eric,’ zegt hij en hij pakt een hapje van de schaal.

‘Dat praat een stuk makkelijker. Uw zoon doet het goed op zwemles. Is hij trots op zijn diploma?’

‘En of!’ Eric glundert zelf ook. ‘Hij doet het zo goed. Die verhuizing, ik had nooit gedacht dat hij zich zo goed aan zou passen. Op school heeft hij ook genoeg vriendjes gemaakt. Ik ben blij dat we hier zijn komen wonen, het is ook een stuk makkelijker met mijn eigen bedrijf. Ik heb nu een groter kantoor en kan tenminste fatsoenlijk klanten ontvangen.’

We? We? Er gaan alarmbellen rinkelen bij Lize. Hij zal toch niet samenwonen? Of erger nog: getrouwd zijn. Nee, Lize, niet aan denken. En al helemaal niet vragen! ‘We’ kan ook gewoon Stijn en Eric betekenen.

‘Goh, wat leuk… een eigen bedrijf. Wat voor bedrijf is het?’

‘Wij bouwen websites en geven ze ook vorm.’

Toe maar, vandaar die klasse in kledingstijl, denkt Lize, maar ze zegt het niet. Op dat moment vraagt de clown om aandacht voor de wedstrijd matlopen. ‘Wie het eerst aan de overkant is,’ roept hij, en de kinderen stormen de mat op.

‘Wat heb je dit feest toch leuk georganiseerd!’

‘Dank je wel, wel met een beetje hulp van een vriendin. Of eigenlijk een beetje veel hulp,’ geeft ze toe.

‘Dat maakt niet uit, het resultaat is fantastisch. Zie ze genieten, die kids.’

Stijn onderbreekt hun gesprek. ‘Ik was heel snel op die mat net, zag je dat?’ Nog voordat zijn vader iets kan antwoorden, zegt hij: ‘Pap, mag ik vanavond bij Jeroen logeren?’

Twee tellen later staat ook Jeroen bij hen.

‘Hebben jullie dat ook al aan Jeroens vader of moeder gevraagd?’

Beide kinderhoofdjes knikken.

‘Nou, laten we daar dan maar even naartoe gaan.’

‘Ik kom zo terug,’ zegt Eric tegen Lize en hij loopt met Jeroen en Stijn richting de ouders van Jeroen.

Lize knikt. ‘Prima, ik moet toch nog wat regelen voor de hapjes en de drankjes.’

Sara komt naar haar toe. ‘En, en?’ vraagt ze ongeduldig.

‘We maakten een leuk praatje, maar nu is hij even weg. Zullen wij de hapjes en drankjes aanvullen?’

‘Goed idee! Dan nemen we zelf ook een wijntje.’

Als ze alle hapjes en drankjes hebben aangevuld, ziet Lize haar baas vrolijk voor de camera staan. ‘Het leek me een geweldig idee om zo’n feest te organiseren in het kader van de saamhorigheid.’

‘Daar heb je hem weer met zijn kletskoek. Hij stond verdorie niet achter het feest, en moet je hem nu horen,’ zegt Lize tegen Sara.

‘Ga ernaartoe!’ moedigt Sara Lize aan.

‘Ach, welnee. Wat haalt het uit? Laat het maar zo.’

‘Je laat hem toch niet met de eer strijken, hij wilde je nota bene ontslaan als zoiets nog eens zou gebeuren.’

‘Dat is waar!’ Lize neemt een grote slok van haar wijn. ‘Moed indrinken,’ verklaart ze.

Op dat moment loopt Eric naar de cameraman toe. Lize besluit nog wat wijn te drinken, want ze heeft zo’n donkerbruin vermoeden dat ze zometeen een beetje lef nodig heeft. Een beetje heel veel.

‘O, dat zou lief van hem zijn,’ zegt Sara voorbarig. ‘Hij gaat het voor jou opnemen, waar wedden we om?’

Lize zwijgt. Ze heeft werkelijk geen idee wat er staat te gebeuren.

‘Kom, we gaan iets dichterbij staan,’ voegt Sara eraan toe.

Eric staat druk te gebaren, schudt zijn hoofd en wijst naar Lize. Hij herhaalt het nog een keer en dan komt de televisieploeg naar Lize toe gelopen, die snel haar laatste slok wijn doorslikt. Wat moet ze zeggen? O, help! Eigenlijk houdt ze helemaal niet van camera’s. Zonder camera’s zegt ze al stomme dingen, laat staan mét camera’s.

‘Meneer zegt dat het jouw initiatief was, dat jij het feest hebt georganiseerd,’ zegt de presentator en hij houdt Lize een microfoon onder haar mond.

Lize kijkt naar Sara, die gretig ja staat te knikken.

‘Dat klopt,’ zegt Lize bescheiden.

Eric loopt naar de camera toe en vraagt de aandacht. ‘Niet zo bescheiden, jij, dame! Je hebt een geweldig feest georganiseerd. Kijk naar de kinderen! Ik wil jou, fantastische juf Lize, namens alle kinderen bedanken voor je buitengewone inzet en betrokkenheid.’

De ouders beginnen luid te applaudiseren. Lize wordt er stil van en voelt dat ze het warm krijgt. Die Eric toch! Hij is al leuk, maar hij wordt met de minuut leuker.

‘De kinderen hebben iets voor je gemaakt. Komen jullie?’

De vader van Eric roept de kinderen erbij, die met handdoeken om zich heen naar Lize toe komen. Een voor een overhandigen ze tekeningen aan Lize.

Lize raakt er ontroerd van. ‘Wat ontzettend lief van jullie, jongens,’ zegt ze en ze laat de tekeningen voor de camera zien.

Inmiddels is ook de clown in beeld gekomen. ‘Misschien moeten we jou even afkoelen?’ zegt hij en hij knipoogt. ‘Kinderen, helpen jullie mee?’

Voordat Lize ook maar een stap naar achteren kan doen, heeft de clown haar al opgetild. De dj zet de muziek nog een tandje harder en de kinderen joelen en joelen. ‘De juf gaat in het water,’ roepen ze.

En daar ligt ze, de kinderen springen erachteraan. ‘Oké,’ zegt juf Lize, ‘dan gaan we ook een wedstrijdje doen. Wie als eerste aan de overkant is.’

De kinderen zijn razend enthousiast en laten zien dat ze zwemmen kunnen.

Als ze de overkant bereikt hebben, zegt Lize: ‘Ik wil ook weleens zien wie er het eerst over de mat naar de overkant is.’ Ze trekt meteen een sprintje en de kinderen volgen haar. Een voor een duwt ze hen van de mat af en de kinderen hebben schik. Ook de clown springt nu de mat op. ‘Ik kom jullie helpen, kids!’

Als het waterfestijn is afgelopen, stapt Lize in haar drijfnatte kleding de kant weer op. ‘Wat een schatjes zijn het toch,’ lacht ze in de camera en dan ziet ze Eric staan, met een grote handdoek en een badjas.

Hij slaat de handdoek om haar heen. ‘Je bent een superjuf!’

Daar staat ze dan in haar drijfnatte kleding, maar warm vanbinnen. ‘Dank je wel,’ zegt ze een tikkeltje verlegen. Al die tijd heeft ze hierop gewacht en nu kan ze niets meer dan ‘dank je wel’ uitbrengen.

‘Ik ga me omkleden,’ zegt ze.

‘Ik loop mee,’ zegt Eric en hij corrigeert zich meteen. ‘Eh, ik bedoel niet met omkleden, maar ik wil je wat vragen. Mag dat?’

‘Kom, dan lopen we naar kantoor,’ zegt Lize, en ze ziet Sara haar duim opsteken.

Eenmaal op kantoor aangekomen zegt Eric: ‘Stijn gaat bij een vriendje logeren vanavond. Wat fijn dat hij zelfs op zwemles vriendjes heeft gemaakt.’

‘Het is ook een leuke jongen. Spontaan, vrolijk en hij vindt alles goed en gezellig.’

‘Zeg, wat ik wilde vragen. Heb je misschien zin om na het feest samen wat te gaan drinken?’

‘Leuk!’ zegt Lize, en ze vraagt zich meteen af of ze niet te happig is met haar reactie.

‘Gezellig. Dan zal ik je nu alleen laten, zodat je je kunt omkleden,’ zegt hij en hij loopt weg.

Lizes hart maakt overuren. Ze is echt helemaal hoteldebotel.

Eric is nog maar net weggelopen of Sara komt al aanzetten. ‘Zeg, moet je mij iets vertellen?’ zegt ze en ze knipoogt.

‘Nee hoor,’ plaagt Lize.

‘Nou vertel, hoe zoent hij?’

‘Ho, ho, niet zo snel. We hebben niet gezoend, maar hij heeft me wel mee uit gevraagd vanavond na het feest. Stijn logeert bij een vriendje.’

‘Bingo! Ik wist wel dat het ging lukken.’

‘Nou ja, het is pas een eerste afspraakje, hoor.’

‘Niet zo onzeker, ik voel het: jullie zijn de perfect match!’

‘We zullen zien. Maar hoe gaat het met jou dan?’

‘Ik heb die leuke vent ook even laten zien wie ik ben,’ lacht ze. ‘Wij gaan morgenavond samen uit eten.’

‘Tjonge, hoe flik jij dat altijd zo snel.’

Sara haalt haar schouders op. ‘Ach, een beetje lef én een beetje wijn.’

‘Een beetje,’ zegt Lize.

Allebei beginnen ze te lachen. ‘Nog eentje dan maar,’ zegt Sara.

‘Prima, maar eerst omkleden en de kinderen uitzwaaien. Dan drinken we daarna nog een wijntje en ruimen we de boel op.’

Alle kinderen en ouders zijn naar huis, op Eric en de crush van Sara na. Zij helpen vrolijk mee met het opruimen van de verlichting en het droogtrekken van de tegels.

Sara geeft Lize een por in haar zij. ‘Dat hebben we nog eens goed geregeld.’

‘Niet slecht, hè!’ Lize loopt met de hapjes naar de keuken. Sara volgt haar met de glazen.

‘Nog even afwassen en dan ga ik een leuke avond tegemoet,’ zegt Lize en ze fluit.

‘Ik ben zo benieuwd! Die kerel is echt goud waard, als je het mij vraagt. Hoe hij het daarnet voor je opnam. Echt super.’

Too good to be true,’ zegt Lize.

Sara schudt heftig haar hoofd. ‘Nee hoor, ze bestaan. Echte lieve mannen.’

*

Lize hoopt dat ze de goede keuze gemaakt heeft door een mooie zomerse lichte spijkerbroek aan te trekken, met daarop een bloemig en vrolijk shirtje. Normaal kan ze van tevoren met Sara of een andere vriendin overleggen wat ze aantrekt, maar nu moet ze ter plekke handelen. Ze vraagt zich af of haar haren wel goed zitten en of ze niet te veel parfum heeft opgespoten. En die lipgloss, is die niet too much? Het moet allemaal zo snel. Eric is thuis omkleden en Stijns logeerspulletjes pakken en daarna komt hij naar haar toe. Lize heeft geen idee hoelang hij erover doet, dus voelt ze zich opgejaagd. Als ze nogmaals in de spiegel kijkt om te zien of ze er echt prima uitziet, gaat de bel. Geen tijd meer om nog iets te veranderen, Lize, spreekt ze zichzelf toe en ze loopt naar de hal.

‘Naar het strand?’ vraagt Lize als Eric bij haar aan de deur staat met een grote rieten mand. Haar hart maakt meteen een klein sprongetje van opwinding, ze houdt wel van romantiek.

‘Als je dat leuk vindt? Een mooie zomeravondwandeling.’

Lize staart naar zijn mooie bruine ogen. ‘Natuurlijk,’ zegt ze totaal verrast. Zou hij ook nog écht een romanticus zijn? Ze kan het bijna niet geloven, deze man lijkt te perfect.

‘Vertel eens wat meer over jezelf,’ zegt Eric terwijl ze op weg zijn naar het strand.

‘Weet je dat zeker? Als ik eenmaal begin te rebbelen, dan houd ik niet meer op.’

‘Geen enkel probleem, ik ben een goede luisteraar.’

Hoe bestaat het, denkt Lize, maar ze zegt het niet. ‘Ik ben negenentwintig, woon mijn hele leven al in het Gooi en ik studeer psychologie in deeltijd. Daarnaast geef ik dus zwemlessen en in mijn vrije tijd ben ik gek op winkelen, squashen en kook ik graag, vooral Japans.’

‘Toe maar, dat klinkt als een druk en interessant leven.’

Lize haalt haar schouders op. ‘Ach, dat valt best mee. En vertel jij ook eens wat meer over jezelf?’

‘Ik ben vijfendertig jaar en woon dus pas sinds kort in het Gooi. Hiervoor woonde ik in Nijmegen. Ik heb een eigen webdesignbureau, zoals je weet. Verder speel ik tennis, drink ik graag een biertje met vrienden in het café en ben ik gek op Stijn.’

‘Heb je nog meer kinderen?’ vraagt Lize nieuwsgierig.

‘Nee, maar we hebben nog wel een speelse hond.’

‘O, wat leuk! Ik ben dol op honden. Wat voor een hond?’

‘Een border collie. Boris heet hij.’

‘Mooi ras. Ik heb zelf een kat, maar als ik meer thuis zou zijn, zou ik ook graag een hond willen. Dat zit er nu nog niet in en ik vind het zielig om zo’n beestje de hele dag alleen thuis te laten.’

Inmiddels zijn Lize en Eric bij het strand aangekomen. Ze bukt en doet haar witte sandaaltjes uit. ‘Dat loopt makkelijker,’ zegt ze. Ze realiseert zich dat ze zich helemaal op haar gemak voelt bij Eric. En ze kent hem nog maar net!

‘In dat geval doe ik ook mijn schoenen uit,’ zegt hij, en hij voegt eraan toe. ‘Niet lachen, hoor, want ik heb schoenmaat zesenveertig.’

‘Dat is tien maten groter dan mijn voeten,’ lacht ze. ‘Maar trek ze gerust uit, het loopt veel lekkerder op blote voeten én het hoort gewoon bij een strandwandeling.’

‘Weet je wat ook bij een strandwandeling hoort?’

Ze schudt haar hoofd. ‘Ik zou het niet weten.’

‘Je weet het wel,’ lacht hij. ‘Je kijkt ontdeugend.’

‘Het heeft vast iets te maken met die rieten mand,’ zegt ze wijzend.

‘Inderdaad,’ zegt hij en hij haalt een rood plaid tevoorschijn en spreidt het uit over het strand. Vervolgens haalt hij een fles champagne en twee glazen uit de mand.

Lize voelt zich op en top vrouw bij deze man. Wat een lieverd. Ze staart naar zijn mooie zwarte krullen en probeert niet te diep in zijn ogen te kijken, want dan gaat het mis. Ze wil hem zo graag zoenen. Maar ze doet het niet! Geduld is een schone zaak.

Hij schenkt de champagne in en haalt daarna een reep chocolade tevoorschijn en een zak borrelnootjes. ‘Kies maar, hartig of zoet.’

Jou, denkt Lize, of… zegt ze het nu ook. ‘Jou.’

Ze begint meteen te blozen. Zei ze dat echt hardop?

Eric begint te lachen. ‘Je bent bijzonder grappig en leuk en volgens mij ook heel lief.’ Hij geeft haar een glas champagne. ‘Waar proosten we op?’

‘Op het diploma van je zoon,’ zegt ze en ze heft het glas.

‘Prima, maar ook op het samenzijn van jou en mij. Zal ik eens een geheim onthullen?’

Lize blijft stil en knikt.

‘Ik ben al vanaf dag één gek op je.’

Het is dus wederzijds. Ze gaat hem alleen niet vertellen dat ze ook sinds dag één verliefd op hem is. Mannen moet je laten vechten volgens de regels. Dat werkt het beste.

Hij buigt zich naar haar toe en geeft haar een zoen. Zij beantwoordt de kus. Allemachtig, wat kan hij zoenen.

‘Zeg,’ zegt hij en hij stopt met zoenen. ‘Jij bent toch niet voor niets zwemlerares.’

Zonder verder nog iets te zeggen, pakt hij haar op en neemt haar in zijn beide armen mee naar de zee. Ze voelt zijn grote, stevige handen op haar lijf en krijgt het nog warmer dan ze het al had.

‘Nee!’ roept ze lachend, want eigenlijk ziet ze de lol er wel van in. Stiekem is het wel heel fijn om in zijn armen te liggen en zijn hart te voelen kloppen. ‘Niet nog een keer vandaag.’

‘O jawel, ik wil nu eindelijk ook eens samen met jou zwemmen.’

Hij rent, met Lize in zijn armen, het water in. De zee is niet eens koud, of zou het komen omdat zij warm is? Warm vanbinnen. Ze proeft het zoute water op zijn lippen als ze hem zoent. Maar dat maakt niet uit, ze geniet met volle teugen. Zijn overhemd is aan zijn lijf geplakt en dat maakt hem nog sexier dan hij al is. Ze is gelukkig. Ze is smoorverliefd. Het is too good to be true, but true!


Heb je genoten van dit verhaal? Wil je dan een recensie achterlaten op Hebban, Goodreads, Boekenwereld of Bol.com?

Genoten van Too good to be true? Dan is dit misschien ook wel iets voor jou!

Misverstand in de middle of nowhere (Misverstand #1)

Misverstand in de middle of nowhere van Lis Lucassen gaat over Dorothee, die de boerderij van haar opa erft in de Achterhoek. Ze is net haar baan kwijt en haar relatie is uit, dus de dertig dagen die ze er volgens de notaris van haar opa moet doorbrengen, zijn geen probleem. Totdat ze erachter komt dat er al iemand in die boerderij woont. En dat die iemand echt heel leuk en aantrekkelijk is. Terwijl zij en Wes een maand lang op elkaars lip zitten en allerlei dorpsbewoners zich met haar leven komen bemoeien, moet Dorothee ook nog een plan maken voor ná die maand. Ze begint een bakvlog waarin ze recepten van haar oma klaarmaakt, tot groot vermaak van Wes.

Met dit eerste deel van een nieuwe feelgoodserie slingert Lis Lucassen niet alleen haar hoofdpersoon, maar ook de lezer naar de middle of nowhere. Een roman om van te smullen.